Kortom...

Gepubliceerd op 15 december 2020 om 09:00

Tijd

Wie het geluk heeft lang genoeg te leven, heeft de pech vaker verlies te moeten incasseren. Verlies van kennissen, vrienden, liefdes, familieleden. De tijd ontpopt zich de ene keer als een goede vriend die welwillend een eindje met je meeloopt, de andere keer als een kille killer die niemand spaart.
In die laatste gedaante klopte de tijd afgelopen week aan. Er was het telefoontje waarvan je wist dat het ooit zou komen. Aan de andere kant van de lijn mijn moeder, in paniek: ‘Kom gauw, pap is omgekiept!’ Ik sprong in de auto en zag bij de ouderlijke woning een ambulance staan. Verontruste buren op straat. Binnen lag mijn vader in de hal, bij de voordeur, gedeeltelijk ontkleed. Decorum doet er echter niet toe, wanneer het om leven en dood gaat. Om zijn broze lichaam heen ambulanciers, die hem middels reanimatie weer tot leven probeerden te wekken, wat in eerste instantie onbegonnen werk leek. Terwijl mijn moeder in de keuken, onder de afzuigkap, tot de Heilige Nicotinus stond te bidden, leek de tijd te vertragen en daalde er een onwerkelijke, maar serene rust over me neer. Het was klaar en het was goed zo. Wat nog onuitgesproken was, zou voor altijd onuitgesproken blijven en ook dat was prima. Maar na een bliksembezoek aan de eeuwige jachtvelden keerde m’n vader schoorvoetend terug naar het rijk der levenden. In het ziekenhuis, op de eerstehulpafdeling, gekoppeld aan slangen en buisjes die naar een machine leidden die van tijd tot tijd ‘ping!’ zei, kwam hij langzaam weer bij zijn positieven. Terwijl verpleegkundigen en artsen hem onderzochten en vragen stelden, was hij verbaasd dat plotseling het licht was uitgegaan, dat hij een heel stuk van de film miste en zich van de tijd na een bijna fataal toiletbezoek tot de aankomst in het ziekenhuis, niets meer wist te herinneren. We vertelden wat er was gebeurd, maar de ernst van de situatie leek nog niet geheel tot hem door te dringen. Na een paar uur werd het sein ‘brand meester’ gegeven en verhuisde pa naar een gewone verpleegafdeling. Inmiddels -we zijn een paar dagen verder- heeft hij weer praatjes, is hij de beste vriend van een kamergenoot en wordt stilaan gedacht aan een terugkeer naar huis, om daar de draad weer gewoon op te pakken waar hij hem had laten liggen. Daar zullen eerst nog wat indringende gesprekken en veranderingen in de thuissituatie aan vooraf dienen te gaan, hetgeen geen sinecure is, want eigenwijs is ook wijs.
Wat rest, is leven in blessuretijd. Tijd waarin we, na een geboorte die tegelijk een doodvonnis is, feitelijk allemaal leven. De een al wat langer dan de ander.

Frank Heijthuijsen


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Marcel van Diesen
9 maanden geleden

Miljaar Frank, dat is geen kattepis.
Sterkte kerel en tel je zegeningen ofwel geniet van die blessuretijd.
M&M uit S.