Kortom...

Gepubliceerd op 30 maart 2020 om 16:12

Uitkijken

Het is al decennialang een vast ritueel: wanneer ik bij mijn ouders op bezoek ben geweest en daarna met m’n auto vanuit de oprit de straat op rijd, staat mijn moeder -weer of geen weer- buiten te kijken of ik heelhuids de overkant haal. Daarna zwaaien we naar elkaar en geef ik gas. Het maakt voor een moeder niet uit of je nou een 6- of 56-jarige kleuter bent; je bent en blijft in haar ogen een kind.

Hoewel ik haar, als het hondenweer is, met zachte dwang naar binnen dirigeer, laat ik me het uitzwaaimoment welgevallen. Als ik aangeef de gemeentegrenzen te overschrijden voor een uitstapje, een concert of een vakantie, klinkt er steevast een ‘kijk je goed uit?’ Ja mam.

In een wereld die op z’n kop staat en waarin plotseling niéts meer zeker is, moet je het kleine aantal zekerheden dat er nog bestaat koesteren.  Van mijn kant is er nooit een ‘kijk je goed uit?’ over mijn lippen gekomen. Maar tegenwoordig kijk ik daadwerkelijk goed uit. Niet voor mezelf, maar voor ouders die vanwege hun leeftijd tot de risicogroep behoren in Corona-tijden. Het wekelijkse boodschappenrondje met m’n moeder doe ik sinds enige tijd alleen. De boodschappen worden bij de deur gezet. Ik neem anderhalve meter afstand in acht als m’n moeder de boodschappenmand naar binnen haalt. ‘Was je zo meteen wel effe je handen, mam?’ Op visite ga ik voorlopig niet, om m’n vader -COPD-patiënt- niet onnodig in gevaar te brengen. Uitkijken. Nooit eerder heb ik het zó in mijn oren geknoopt.

 

Frank Heijthuijsen


 »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.